Het is zaterdagavond half negen en er is vanavond vrij-dansen. “Zullen we naar de dansschool gaan en een dansje wagen?” Mark pakt me bij mijn middel en draait me in het rond. Ik verlies een slipper, hij struikelt over mijn uitgestrekte been en bijna liggen we languit in de keuken. “Ik zou maar gaan als ik jullie was. Je kunt beter dáár je nek breken dan hier…” is het commentaar van onze oudste.

Dus kleden we ons om, bezweren we onze kinderen niet te laat naar bed te gaan en gaan opgetogen een avondje uit. Op de dansvloer is het druk. Diverse paren cirkelen rond, we sluiten ons aan en stappen vrolijk op een quickstep mee. Even later splitst de dansleraar de groep. Gelukkig maar, het is veel te vol voor iedereen tegelijk. Goud en hoger mag door dansen op een tango, de rest moet gaan zitten. Ik installeer me op een kruk bij de bar.

Het gaat vanzelf

Afgunstig bekijk ik de paren die rond wervelen. Wat een souplesse, wat een moeilijke passen, het gaat allemaal vanzelf. Dat is niet waar, dat weet ik, maar het lijkt wel zo. Een stel danst wat slordig maar hebben wel lol samen. Af en toe gaan ze volledig uit de maat. Ook al heb je goud, dan kun je blijkbaar nog steeds uit de maat.

Smachtende blikken

Dan valt mijn oog op een stel die met hun lichaam in perfecte gespannen houding, ingewikkelde figuren draaien en langs ons glijden. Hun hoofden staan schuin naar boven gericht en hun ogen kijken met smachtende blik naar een punt in het oneindige.

Mark tikt met zijn hand tegen mijn mond: “Je mond staat open, je kwijlt.”  Ik klap mijn kaken dicht: ‘”Zag je die?” “Wie?” “Daar.””O, die zo boos kijken?” “Dat is niet boos, dat is intens. Zij dansen intens en gepassioneerd. Dat wil ik ook.” Ik zucht. “Dat durf ik nooit”. “Dan moet je jezelf een beetje durven geven, kom, wij mogen weer.”

Of toch genieten?

Brons en zilver lopen de dansvloer op en goudster gaat zitten. Er wordt ook een tango voor ons opgezet. Ik hou mijn hoofd een beetje schuin en zwaai mijn hoofd heen en weer op de juiste momenten. Voor mijn gevoel overdrijf ik vreselijk, maar als ik in de spiegel kijk, zie ik dat het een zwak aftreksel is van de intensiteit van net. Dan passeren we een stel die ook in onze groep zitten. We lachen naar elkaar en gebaren dat het goed gaat.

“Gaat goed he?” Mark is enthousiast. “Ja, super.” Ik geniet ervan dat we samen over de dansvloer glijden. Verre van volmaakt, maar wel als een eenheid.

Dan zie ik het stel zitten dat net smachtend staarde. Hij geeft me een knipoog en steekt zijn duim op. Hij vindt dat we het goed doen!

En dat klopt: mensen die genieten zijn een feest om naar te kijken.

Dat doen we en daar gaat het om!

 

Deze blog is eerder verschenen op www.designjeleven.nl

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *